Getal & Ruimte 12, 4 vmbo-k oefenen

12e editie · 4e klas Vmbo-k · Wiskunde

Dit boek is beschikbaar in onze boekselector. De aansluiting betreft de gekoppelde Slimleren-onderwerpen, niet automatisch alle leerstof uit het boek.

Bekijk de onderwerpen bij dit boek

Zo oefen je Gevorderd - coördinaten op een lineaire grafiek

Een kijkje in ons eigen oefenmateriaal. Dit is geen opgave of uitwerking uit het schoolboek.

  Voorbeeldvraag

Gegeven is de functie f(x) = 4x + 1.

a. Teken de grafiek van f(x).

b. Onderzoek of het punt P(6,20) op de grafiek van f ligt.

c. De y-coördinaat van punt A op de grafiek van f is yA= -7 . Bereken de x-coördinaat xA.

 

Uitwerking

a. Maak eerst een tabel.

$$ \newcommand\T{\Rule{0pt}{1em}{.3em}} \begin{array}{c|c|c|c} x & -1 & 0 & 1 & 2 & 3 \T \\\hline y & -3 & 1 & 5 & 9 & 13 \end{array} $$

Zie de grafiek in de afbeelding.

b. Om te onderzoeken of punt P(6, 20) op de grafiek van f ligt vul je de xP in in de formule.

f(6) = 4 · 6 + 1 = 25
Punt P(6, 20) ligt dus niet op de grafiek van f.

c. yA= -7 betekent dat f(x) = -7

f(x) = -7
4x + 1 = -7
4x = -8
x = -2

Dus xB= -2

Bekijk de uitleg bij dit voorbeeld

  Theorie

Uitdaging

Als er een coördinaat en een lineaire formule gegeven is, dan kun je checken of dit coördinaat op de lineaire formule ligt.

Hoe je met coördinaten en lineaire formules kunt rekenen leggen we je uit in deze theorie.

Methode

Coördinaat invullen in de functie

Je kunt direct het gegeven coördinaat invullen in de functie om erachter te komen of het coördinaat op de functie ligt. Je vult de x-coördinaat op de plek van de x in in de formule, en de y-coördinaat op de plek van de y in in de formule.

Tabel maken

Je kunt ook eerst een tabel maken en daarna checken of het coördinaat in de tabel voorkomt.

$$ \newcommand\T{\Rule{0pt}{1em}{.3em}} \begin{array}{c|c|c|c} x & -1 & 0 & 1 & 2 & 3 \T \\\hline f(x) & 1 & 2 & 3 & 4 & 5 \end{array} $$

Dit is de tabel bij de functie f(x) = x + 2. Je kan nu de coördinaten aflezen uit de tabel en een grafiek tekenen bij de functie.

In de tabel van de functie kun je dus punten aflezen. Neem punt A(-1,1).

f(-1) = 1, dus het punt (-1,1) ligt op de grafiek van f.

Punt A(-1,1) heeft dus de x en y coördinaten XA = -1 en YA = 1.

Onderwerpen bij dit boek

Dit zijn eigen Slimleren-onderwerpen, alfabetisch gerangschikt. Kies een onderwerp om onze uitleg of een voorbeeld te bekijken.

Klaar om te oefenen?

Kies na aanmelden je boek en oefen de onderwerpen die jij nodig hebt.

Bekijk de mogelijkheden