a. 3(2a + 6)
b. 8a(3b - 5c)
c. 9(3a - 4b)
d. -2(a - 6b)
Uitwerking
a. 3(2a + 6) = 3 · 2a + 3 · 6 = 6a + 18
b. 8a(3b - 5c) = 8a · 3b + 8a · -5c = 24ab - 40ac
c. 9(3a - 4b) = 9 · 3a + 9 · -4b = 27a - 36b
d. -2(a - 6b) = -2 · a + -2 · -6b = -2a + 12b
1e editie · 2e klas Havo / Vwo · Wiskunde
Dit boek is beschikbaar in onze boekselector. De aansluiting betreft de gekoppelde Slimleren-onderwerpen, niet automatisch alle leerstof uit het boek.
Bekijk de onderwerpen bij dit boekEen kijkje in ons eigen oefenmateriaal. Dit is geen opgave of uitwerking uit het schoolboek.
a. 3(2a + 6)
b. 8a(3b - 5c)
c. 9(3a - 4b)
d. -2(a - 6b)
Uitwerking
a. 3(2a + 6) = 3 · 2a + 3 · 6 = 6a + 18
b. 8a(3b - 5c) = 8a · 3b + 8a · -5c = 24ab - 40ac
c. 9(3a - 4b) = 9 · 3a + 9 · -4b = 27a - 36b
d. -2(a - 6b) = -2 · a + -2 · -6b = -2a + 12b
Soms kom je sommen tegen waarin getallen of letters tussen haakjes staan. Het is dan vaak handig om deze haakjes eerst weg te werken zodat je som een andere vorm krijgt.
Zo kun je bijvoorbeeld sommen tegenkomen in de vorm van a · (b + c). Hoe je hiervan de haakjes wegwerkt leggen we uit in deze theorie.
Als je een som hebt met de vorm a · (b + c) dan kun je de haakjes wegwerken.
Je vermenigvuldigt het getal voor de haakjes, de a, eerst met het eerste getal binnen de haakjes, de b. Vervolgens vermenigvuldig je het getal voor de haakjes ook met het tweede getal binnen de haakjes, de c.
a · (b + c) = ab + ac
a · (b - c) = ab - ac
Dit zijn eigen Slimleren-onderwerpen, alfabetisch gerangschikt. Kies een onderwerp om onze uitleg of een voorbeeld te bekijken.